Werknemers op elektrische fietsen? Voorkom dat ze onverzekerd zijn!

Werknemers op elektrische fietsen? Voorkom dat ze onverzekerd zijn!

Als werkgever heb je je wagenpark uiteraard goed verzekerd. Maar hoe zit het met de elektrische fietsen waarmee je werknemers maaltijden of goederen bezorgen of klanten bezoeken? Het komt nogal eens voor dat er een gat, een hiaat, in de dekking zit. Het is verstandig om dat te voorkomen.

Steeds meer pizzabezorgers hebben hun brommer ingeruild voor een elektrische fiets. Snel, geluidloos én beter voor het milieu. Maar wat wanneer een bezorger tijdens zo’n rit iemand aanrijdt? Die schade wordt niet automatisch gedekt op de Aansprakelijkheidsverzekering voor Bedrijven. Als ondernemer loop je dan het risico dat je zelf voor de schade opdraait. En een letselschadeclaim kan, zo kun je je voorstellen, flink in de papieren lopen. Voor kleinere ondernemers kan het zelfs einde oefening betekenen.

Fiets van de zaak

De elektrische fiets valt in sommige gevallen tussen wal en schip. Dat komt doordat voor een elektrische fiets een WA-verzekering niet verplicht is. En op de aansprakelijkheidsverzekering voor bedrijven zijn motorrijtuigen doorgaans uitgesloten: daar is immers de WA-verzekering voor. Een aparte fietsverzekering kan de oplossing zijn.

Privé fiets

Het kan ook voorkomen dat een werknemer op zijn eigen fiets naar kantoor komt en vervolgens die zelfde fiets ook gebruikt voor een zakelijk klantbezoek. Als er dan schade ontstaat, dan kan er opnieuw een hiaat in de dekking zijn. De particuliere aansprakelijkheidsverzekering van de werknemer zal de aansprakelijkheid namelijk afwijzen omdat het om een zakelijke rit ging en de zakelijke aansprakelijkheidsverzekering van de werkgever biedt over het algemeen opnieuw geen soelaas.

Speed pedelec

Het is goed om het onderscheid te weten tussen een elektrische fiets en een speed pedelec. Voor die laatste is een WA-verzekering wél verplicht. Het grootste verschil: een e-bike kan tot 25 kilometer per uur terwijl een speed pedelec tot wel 45 kilometer kan.

Je doet er als werkgever verstandig aan om het gehele ‘fietspark’ onder de loep te nemen en de bestaande verzekeringen en dekkingen er bij te pakken. Zo kun je goed in kaart brengen waar eventuele gaten in de dekking zitten.

Rookmelders in huis, maar doen ze het ook?

Rookmelders in huis gehaald? Vergeet niet ze daadwerkelijk op te hangen en tijdig de batterij te vervangen. Omdat rookmelders belangrijke levensredders zijn, zijn ze sinds 1 juli 2022 wettelijk verplicht. Ook in jouw woning.

Het aantal woningbranden stijgt de laatste jaren. Van 64.879 in 2019 naar 66.657 in 2020. Vermoed wordt dat de stijging te maken heeft met het toenemende thuiswerken. Bij zo’n 30 procent van deze gevallen was geen rookmelder aanwezig. Rookmelders zijn sinds 1 juli wettelijk verplicht in elke woning.

Koop of huur

Verzekeraar Aegon deed in april 2022 onderzoek naar brandpreventie onder ruim vijfhonderd Nederlanders tussen de 25 en 65 jaar. Interessant: eigenaren van koopwoningen zijn bezorgder dan bewoners van huurwoningen als het gaat om brand. Veel mensen kennen wel de risico’s, maar nemen die vaak toch voor lief. Zo laat 30 procent van de deelnemers aan het onderzoek de keuken soms onbeheerd achter met een pan op het vuur en laat meer dan de helft regelmatig een oplader in het stopcontact zitten.

Ook zijn er minder bekende risico’s. Zoals het niet regelmatig schoonmaken van het stoffilter van de wasdroger of de filters in de afzuigkap eindeloos laten zitten. Ook is een groot deel van de ondervraagden zich er niet van bewust dat de elektra in het huis elke vijf jaar een controle vergt.

Rookmelder

Het hebben van een rookmelder is sinds 1 juli 2022 wettelijk verplicht. Verzekeraar Interpolis zocht uit dat voor de invoering van die plicht, 17 procent van de Nederlanders geen rookmelder in huis had. De voornaamste reden is heel simpel: mensen denken er niet aan. Ook weten ze volgens de verzekeraar vaak niet goed waar en hoe ze rookmelders moeten ophangen en denken ze dat dit veel moeite kost. Ook kunnen mensen een rookmelder irritant vinden: ze denken dat deze vaak onnodig afgaat, bijvoorbeeld door koken of douchen.

Verpakking

Opvallend genoeg bleek uit het Interpolis-onderzoek dat een deel van de Nederlanders rookmelders nog in de verpakking thuis heeft liggen. Ook is er een deel dat wel rookmelders heeft opgehangen, maar die vervolgens niet meer werken. Bijvoorbeeld omdat een lege batterij nooit is vervangen.

Verplichting

Wat houdt de verplichting per 1 juli in? Het komt er op neer dat er op iedere bouwlaag in jouw woning een melder moet hangen. Dat betekent dus minimaal één rookmelder per verdieping, maar meer mag natuurlijk ook. De brandweer adviseert bijvoorbeeld om ook een rookmelder op te hangen in de ruimte waar je wasmachine en droger staan. In studentenhuizen moet er in elke kamer één hangen.

Voor nieuwbouwwoningen waren rookmelders al verplicht en daar worden ook specifieke eisen aan gesteld. Voor bestaande woningen is dat niet zo. De melders moeten wel voldoen aan de NEN-14604 en een CE keurmerk hebben, maar verder schrijft de wet niets voor. Voor een grotere woning kunnen gekoppelde melders handig zijn, zodat ze allemaal afgaan. En in sommige straten kiezen buurtbewoners er zelfs voor om meerdere huizen te koppelen. Heb je een huurwoning? Dan heeft de verhuurder de verantwoordelijkheid om de melders op te hangen: als huurder ben je vaak wel verantwoordelijk voor het onderhoud ervan. Voldoet de verhuurder niet aan deze verplichting, dan is dat een gebrek waar je de verhuurder op kunt aanspreken.

Verzekering

Wat als je geen rookmelders hebt opgehangen of ze niet goed hebt onderhouden en er ontstaat brand? Keert de verzekeraar dan wel uit? Het beste advies is om dat risico niet te nemen. Ook al heeft een verzekeraar niet specifiek in de verzekeringsvoorwaarden opgenomen dat er zonder rookmelders niet zal worden uitgekeerd, het is een algemene regel dat je als verzekerde niet nalatig mag zijn. Je niet aan een wettelijke verplichting houden, kan daaronder vallen.

Private lease, let op de impact op je hypotheek

Private lease, let op de impact op je hypotheek

Wil je in de nabije toekomst een huis kopen maar overweeg je ook een private lease auto, denk dan goed na. Sinds 1 april wordt 100% van het totale leasebedrag meegenomen in de berekening van je maximale hypotheek. Dat scheelt veel leenruimte.

Wie een private lease overeenkomst sluit, wordt automatisch geregistreerd bij het Bureau Krediet Registratie (BKR). Stel je sluit een overeenkomst voor vier jaar voor € 400 per maand, dan is je totale leasebedrag € 19.200. Voorheen werd dat bedrag voor 65 procent meegenomen in de berekening die geldverstrekkers maken. Sinds 1 april gaat het om het hele bedrag. Dat heeft een behoorlijke impact op je leenruimte.

Voorbeeld

Wie met een gezamenlijk jaarinkomen van € 60.000 euro een private leasecontract aangaat van € 350 per maand met een looptijd van vijf jaar, kan in de nieuwe situatie een hypotheek van maximaal € 191.563 aangaan. Onder de oude regeling zou dit nog € 226.186 zijn. En zou dit stel helemaal geen auto leasen, dan zou de maximale hypotheek € 290.892 bedragen. Een aanzienlijk verschil! (Rekenvoorbeeld gebaseerd op een NHG-hypotheek met een rente-looptijd van tien jaar, en ontleend aan gegevens van De Hypotheker).

Populair

Private lease wordt steeds populairder in Nederland en steeds vaker gaat het daarbij om een elektrische auto. De aanschafwaarde van een elektrische auto met een behoorlijke actieradius is vrij hoog. Bovendien verandert de techniek snel, waardoor consumenten huiverig zijn al gauw met een verouderd model te zitten wanneer ze zelf gaan kopen. Leasen kan dan een goed alternatief zijn: de maandlasten zijn meteen bekend en de afschrijving komt niet voor jouw risico.

Nadelen

Private leasen heeft echter ook nadelen. Je gaat een financiële verplichting aan die je kan beperken in het aangaan van een hypotheek. Daarnaast is de verplichting vrijwel altijd langdurig, een kort private-lease contract (van bijvoorbeeld 24 maanden) is in de regel een stuk onvoordeliger zodat mensen er niet snel voor zullen kiezen. En wanneer je te maken krijgt met een situatie van bijvoorbeeld werkloosheid is het niet altijd makkelijk om het contract open te breken. Ook moet je goed opletten dat je schadevrije jaren niet verloren gaan.

Goed om te weten

Een zakelijk leasecontract heeft geen invloed op je hypotheek.
Had je al vóór 1 april 2022 een private lease contract, dan gelden de oude regels
Geld lenen voor een eigen auto levert eveneens een BKR-registratie op.
Nationale Hypotheek Garantie (NHG) past de nieuwe regels al sinds 1 januari 2022 toe.

Brandmelders verplicht 1 juli 2022!

Vanaf 1 juli 2022 is het in Nederland wettelijk verplicht om een rookmelder te hebben op elke woonverdieping van je huis. Of je nu koopt of huurt, in een oud of een nieuw huis woont: de verplichting geldt voor iedereen. Rookmelders zijn belangrijke levensredders: de meeste slachtoffers van brand vallen door het inademen van rook.

Als je al rookmelders hebt opgehangen, dan hoef je alleen maar te controleren of die ook voldoen aan de eisen zoals ze straks gelden. Heb je ze nog niet: dan is er werk aan de winkel. Het komt er op neer dat er op iedere bouwlaag in jouw woning een melder moet hangen. Dat betekent dus minimaal één rookmelder per verdieping, maar meer mag natuurlijk ook. De brandweer adviseert bijvoorbeeld om ook een rookmelder op te hangen in de ruimte waar je wasmachine en droger staan. In studentenhuizen moet er in elke kamer één hangen.

Eisen

Voor nieuwbouwwoningen waren rookmelders al verplicht en daar worden ook specifieke eisen aan gesteld. Voor bestaande woningen is dat niet zo. De melders moeten wel voldoen aan de NEN-14604 en een CE keurmerk hebben, maar verder schrijft de wet niets voor. Op deze site lees je meer over de verschillende typen die er op de markt zijn. Voor een grotere woning kunnen gekoppelde melders handig zijn, zodat ze allemaal afgaan. En in sommige straten kiezen buurtbewoners er zelfs voor om meerdere huizen te koppelen.

Verzekering

Wat als je geen rookmelders hebt opgehangen of ze niet goed hebt onderhouden en er ontstaat brand? Keert de verzekeraar dan wel uit? Het beste advies is om dat risico niet te nemen. Ook al heeft een verzekeraar niet specifiek in de verzekeringsvoorwaarden opgenomen dat er zonder rookmelders niet zal worden uitgekeerd, het is een algemene regel dat je als verzekerde niet nalatig mag zijn. Je niet aan een wettelijke verplichting houden kan daaronder vallen.

Rookmelders verplicht vanaf 1 juli 2022

Vanaf 1 juli 2022 is het in Nederland wettelijk verplicht om een rookmelder te hebben op elke woonverdieping van je huis. Of je nu koopt of huurt, in een oud of een nieuw huis woont: de verplichting geldt voor iedereen. Rookmelders zijn belangrijke levensredders: de meeste slachtoffers van brand vallen door het inademen van rook.

Als je al rookmelders hebt opgehangen, dan hoef je alleen maar te controleren of die ook voldoen aan de eisen zoals ze straks gelden. Heb je ze nog niet: dan is er werk aan de winkel. Het komt er op neer dat er op iedere bouwlaag in jouw woning een melder moet hangen. Dat betekent dus minimaal één rookmelder per verdieping, maar meer mag natuurlijk ook. De brandweer adviseert bijvoorbeeld om ook een rookmelder op te hangen in de ruimte waar je wasmachine en droger staan. In studentenhuizen moet er in elke kamer één hangen.

Eisen

Voor nieuwbouwwoningen waren rookmelders al verplicht en daar worden ook specifieke eisen aan gesteld. Voor bestaande woningen is dat niet zo. De melders moeten wel voldoen aan de NEN-14604 en een CE keurmerk hebben, maar verder schrijft de wet niets voor. Op deze site lees je meer over de verschillende typen die er op de markt zijn. Voor een grotere woning kunnen gekoppelde melders handig zijn, zodat ze allemaal afgaan. En in sommige straten kiezen buurtbewoners er zelfs voor om meerdere huizen te koppelen.

Verzekering

Wat als je geen rookmelders hebt opgehangen of ze niet goed hebt onderhouden en er ontstaat brand? Keert de verzekeraar dan wel uit? Het beste advies is om dat risico niet te nemen. Ook al heeft een verzekeraar niet specifiek in de verzekeringsvoorwaarden opgenomen dat er zonder rookmelders niet zal worden uitgekeerd, het is een algemene regel dat je als verzekerde niet nalatig mag zijn. Je niet aan een wettelijke verplichting houden kan daaronder vallen.

Rookmelders verplicht in alle woningen

Per 1 juli 2022 is het wettelijk verplicht om in een woning op elke etage met een verblijfsruimte een rookmelder te hebben. Op de campagnewebsite rookmelders.nl leest u waaraan u een goede rookmelder herkent, waar u de melders moet plaatsen en hoe u ze onderhoudt.
En u vindt er tips om brand te voorkomen, oplaadbare apparaten veilig op te laden en veilig buiten te komen bij een brand.

 

Preventietips schoorsteenbrand
Wist u dat er in ons land jaarlijks meer dan 2.000 schoorsteenbranden zijn? Toch iets om over na te denken als u een open haard of houtkachel heeft. Hieronder leest u hoe u die op een veilige manier gebruikt.
  • Laat uw schoorsteen minimaal één keer per jaar vegen.
  • Gebruik een vonkenvanger. Heeft uw woning een rieten dak? Dan is een vonkenvanger zelfs verplicht.
  • Ventileer uw woning goed tijdens het stoken en zet een raam op een kier.
  • Plaats een emmer met zand naast de open haard/kachel/schoorsteen om het vuur zo nodig snel te kunnen doven.
  • Gebruik aanmaakhoutjes bij het aansteken (nooit benzine of spiritus).
  • Stook volgens de Zwitserse methode

Beleggen in cryptovaluta. Is dat slim?

De laatste jaren zien we dat veel meer mensen ‘traditionele’ beleggingen als aandelen(fondsen) links laten liggen en al hun geld in cryptovaluta stoppen. Niet heel gek, want je kunt geen verjaardag of voetbalkantine bezoeken waar je géén wild verhaal over torenhoge rendementen of cryptomiljonairs hoort.

Eerst even wat achtergrond over beleggen. Volgens de dikke Van Dale is dat het investeren van geld om daarmee op lange of korte termijn een mooie winst te behalen. De prijs van zo’n belegging wordt bepaald door vraag en aanbod: als meer mensen een bepaald aandeel willen kopen, stijgt de prijs.

Dat geldt voor aandelen, maar ook voor cryptocurrencies zoals Bitcoin. En omdat zó veel mensen mooie verhalen horen over torenhoge rendementen, heerst er (online) goudkoorts. Dat zie je terug in de prijs van Bitcoin, die de afgelopen jaren door het dak ging. De vraag ging omhoog, dus de prijs ook.

Momenteel is de prijs van 1 Bitcoin gelijk aan €32.330,20 (op 14 juni 2021). Is dat te hoog? Te laag? Dat valt moeilijk te zeggen. De waarde van cryptovaluta is namelijk moeilijk te bepalen, omdat ze an sich ook nog geen waarde toevoegen. Het is dus een beetje wat de gek ervoor geeft. Dat kan positief uitpakken als er een continue vraag naar Bitcoins blijft, maar als die vraag ineens afneemt zal de prijs (hard) zakken.

Moet ik beleggen in Cryptovaluta?

Wie belegt, moet altijd een afweging maken. Hoeveel risico ben ik bereid om te nemen met mijn geld? Hoe meer risico u neemt, hoe hoger het rendement kan zijn. Maar des te hoger wordt ook de onzekerheid van de belegging. Veel cryptovaluta lieten tot nu toe enorme waardestijgingen zien, maar óók enorme dalingen. En er zijn nog een aantal redenen waarom beleggen in cryptovaluta allesbehalve een zekere belegging zijn.

volatiliteit
We zeiden het al even: de stijgingen van cryptovaluta zijn torenhoog, de dalingen waanzinnig diep. De prijs van Bitcoin jojoot bijvoorbeeld al jaren gigantisch op en neer. Of, in beleggingsjargon: de volatiliteit is heel hoog. Dat maakt cryptovaluta een onzekere belegging.

Want ja: als u jaren geleden wat geld in Bitcoin had gestopt en niet in paniek was geraakt als u uw geld daarna tijdelijk zag halveren, dán had u inderdaad een mooi rendement gehaald. Maar er zijn weinig mensen die door zo’n daling heen kunnen kijken en er zijn dan ook héél veel mensen die hun Bitcoins weer met een gigantisch verlies verkocht hebben.

Bitcoin heeft nog geen toegevoegde waarde
De prijs van cryptovaluta is voorlopig alleen gebaseerd op wat de gek ervoor geeft. Net als legendarische pokemonkaarten, kunst of oude postzegels. We kunnen dus de prijs bepalen (Die van bitcoin was €32.330,20 op 14 juni 2021), maar niet de (toegevoegde) waarde. Dat maakt investeren in cryptomunten onzeker.

Wie een aandeel van een bedrijf koopt, kan dat bijvoorbeeld doen omdat het product of de dienst van zo’n bedrijf baanbrekend is. Of omdat het bedrijf een gigantische som geld op de bank heeft staan waarmee ze hun plannen kunnen waarmaken. Of omdat het bedrijf ieder jaar een lekkere winst maakt waarvan je als aandeelhouder een deel opstrijkt in de vorm van dividend.

Bij cryptovaluta is zo’n waarde er niet. Er is geen mooi product of een mooie dienst met een nut, er zit geen solide bedrijf achter en wie zijn geld stopt in Bitcoin (of iedere andere cryptomunt) krijgt geen vaste som dividend per jaar.

Is Bitcoin dan niet het nieuwe betaalmiddel?

Een veelgehoord argument is dat cryptovaluta in de toekomst de ‘traditionele’ valuta gaan vervangen. En ja: Bitcoin wordt al her en der geaccepteerd als betaalmiddel. Maar de kans dat dat op termijn ook wijdverspreid gebeurt lijkt klein. Daarvoor jojoot de prijs nog veel te hard op en neer.

Want stel: uw lokale wijnboer accepteert Bitcoin als betaalmiddel. U betaalt hem 0,00032 bitcoin voor een fles Riesling. Dat is op 14 juni 2021 zo’n €10 waard. Een dag later zakt de prijs van Bitcoin met 30%, dus uw wijnboer houdt nu nog maar €7 over van zijn verkoop. Dat biedt weinig vastigheid.

En ja: het kan natuurlijk zijn dat er op gegeven moment wel een cryptovaluta wereldwijd op grote schaal als betaalmiddel wordt ingezet. Maar dan is het nog altijd de vraag wélke dat precies gaat zijn. Op dit moment zijn er namelijk zo’n 7000 in omloop met allemaal hun eigen voor- en nadelen.

En is de technologie erachter niet baanbrekend?

Een veelgehoord argument om te beleggen in Bitcoin of andere cryptovaluta is de onderliggende technologie: blockchain. Die zou bedrijven en particulieren in staat stellen om transacties nóg veiliger en sneller uit te voeren. Al kan een transactie met Bitcoin tot wel 10 minuten duren – niet handig als u even snel een broodje wilt halen bij de bakker.

Voorlopig zijn er vooral veel plannen, maar nog weinig succesvolle toepassingen van blockchain. En al blijkt blockchain straks een baanbrekende technologie: dat heeft geen invloed op cyrptocurrencies. Bitcoin heeft blockchain bijvoorbeeld nodig om te bestaan, maar blockchain heeft Bitcoin niet nodig. Beleggen in Bitcoin is dus niet beleggen in blockchain.

Speculeer niet met geld dat u nodig heeft

Die torenhoge rendementen en verhalen van cryptomiljonairs klinken heel aanlokkelijk. En ja: er zijn mensen stinkend rijk geworden door hun cryptomunten te verkopen. Maar net zoveel mensen hebben flink wat geld verloren omdat ze in paniek raakten door de gigantische dalingen van cryptomunten.

En bovendien drijft de prijs van cryptomunten volledig op populariteit. Niet op de waarde van het product, niet op een solide bedrijf met doorgetimmerde plannen, niet op het uitzicht van een vaste winstuitkering. Dat maakt het waarderen van cryptovaluta gigantisch moeilijk, en de investering risicovol. Uw geld stoppen in (bijvoorbeeld) Bitcoin lijkt daardoor meer op speculeren dan op beleggen.

Wilt u een gokje wagen? Dan kunt u zeker een klein deel van uw geld in cryptomunten stoppen. Dat is best spannend en leuk, en als u geluk heeft levert het u een leuke winst op. Maar wilt u geld beleggen omdat u plannen heeft voor later? Zoals een studie van uw kind of een nieuw huis? Dan zijn cryptovaluta een hoogst onzekere bestemming voor uw geld.

Leegstand door lockdown?

Veel bedrijven moeten dicht blijven vanwege de corona voorschriften. Bedrijfspanden worden daarom al langere tijd niet gebruikt. Verzekeraars hebben in hun polisvoorwaarden bepalingen opgenomen die de dekking beperken bij leegstand, en als de leegstand langer duurt, dan kan een polis worden opgezegd. In hoeverre levert de huidige lockdown problemen op met betrekking tot de verzekerbaarheid van deze gebouwen?

In de polisvoorwaarden van een willekeurige gebouwenverzekering kunt u de volgende tekst (of een tekst van gelijke strekking) tegenkomen: ‘Staat (een deel van) het gebouw leeg of is het buiten gebruik? En duurt deze situatie naar verwachting langer dan 2 maanden? Geeft u dit dan onmiddellijk aan ons door’.

Verzekeraars willen graag weten of het verzekerde gebouw nog steeds gebruikt wordt voor hetzelfde doel dat op de polis vermeld staat. ‘Leegstand’ of ‘niet in gebruik zijn’ van het pand of een gedeelte daarvan, wordt vaak als een verzwaring van het risico gezien. Dat is ook wel begrijpelijk, want wanneer een gebouw niet in gebruik is en/of leeg staat, dan is er minder toezicht. Als er dan iets gebeurt waardoor er schade  ontstaat, is er niemand om dat te signaleren en wordt er dus geen actie ondernomen om de schade te beperken. Vandaar dat verzekeraars in de genoemde situaties vaak de dekking beperken, bijvoorbeeld tot Brand-Storm. Als de situatie (te) lang duurt, kan een verzekeraar zelfs besluiten om de polis op te zeggen.

 

Vanwege de huidige corona voorschriften zijn er veel bedrijven gesloten. Bijvoorbeeld de horeca heeft al sinds 14 oktober 2020 de deuren dicht. Winkels en kappers zijn ook al geruime tijd dicht.  Maar moet dit dan ook nog worden doorgegeven aan de verzekeringsmaatschappij? Er mag toch verondersteld worden dat verzekeringsmaatschappijen ook bekend zijn met de actualiteiten. En bovendien: wanneer hebben we het eigenlijk over leegstand of ‘niet in gebruik zijn’? Als een café of restaurant tijdelijk gesloten is, dan is het gebouw niet leegstaand want alle inventaris staat er immers nog in. En als de inventaris en/of voorraden er nog staan, dan kunnen we ook niet stellen dat het gebouw ‘niet in gebruik’ is. Weliswaar is het etablissement niet open voor publiek, maar alle spullen zijn nog aanwezig en de eigenaar zal regelmatig langskomen om poolshoogte te nemen. Veel restaurants die dat nog niet deden, zijn nu ook maaltijden gaan bezorgen, dus vaak is er dagelijks nog personeel aan het werk om de maaltijden te bereiden. In veel gevallen zal de bepaling over leegstand of niet in gebruik zijn van het verzekerde pand daarom niet van toepassing zijn.

Toch kan het voor ondernemers geen kwaad om in gesprek te gaan met de assurantieadviseur. Want de coronaregels hebben hun impact op de bedrijfsvoering. De assurantieadviseur kan de verschillende verzekeringen van zijn klanten toetsen aan de nieuwe situatie. Kloppen alle polissen nog wel? Heeft een bedrijf door de lockdown minder voorraad of juist meer? Dus is de verzekerde som op de inventaris-goederenverzekering nog wel voldoende of juist te hoog? Misschien zijn er wel bezorgfietsen of brommers aangeschaft en moeten deze nog verzekerd worden?

 

Een ander voorbeeld is de bedrijfsschadeverzekering. Als de verwachte omzet lager uitvalt, dan kan overwogen worden om de verzekerde som naar beneden aan te passen. Of de omzet kan juist gestegen zijn na de lockdown, waardoor een verhoging van de verzekerde som wellicht op zijn plaats is.  Als bedrijfsactiviteiten gewijzigd zijn, dan kan dit gevolgen hebben voor de brandverzekering, maar ook voor de aansprakelijkheidsverzekering voor bedrijven (AVB). Bijvoorbeeld het restaurant dat voorheen geen maaltijden bezorgde en nu wel.

 

En helaas zijn er ook bedrijven die, ondanks steun van de overheid, toch definitief de deuren hebben moeten sluiten. En staan er daardoor gebouwen ‘echt’ leeg. Deze situatie kan zoals eerder gemeld leiden tot een opzegging van de polis door de huidige verzekeraar. Voor die gevallen kan de adviseur wellicht een uitkomst bieden met een verzekering voor leegstaande gebouwen. We hopen voor de ondernemers dat dit niet nodig zal zijn.

 

Hoe dan ook, voor elke ondernemer is het in deze tijd raadzaam om met behulp van een assurantieadviseur nog eens goed na te gaan of het verzekeringspakket nog passend is bij de huidige situatie.

 

 

Auteur

Ruud Bolleboom, Senior Specialist Verzekeringstechniek
Nieuwsbrief De Vereende

5 financiële checks als je een kind krijgt

Gezinsuitbreiding! Wat moet je voor je verzekeringen regelen?

Kraamzorg in je zorgverzekering?

Net zoals iedereen heb je een verplichte basis zorgverzekering. Dit ‘basispakket’ vergoedt de verloskundige zorg, dus de zorg voor jou en je baby. Je krijgt deze verzorging zowel voor, tijdens als na de bevalling. Wat wel en niet onder de verloskundige hulp valt, kan per verzekeraar verschillen. Via een aanvullende verzekering krijg je kraamhulp vergoed en misschien zelfs extra kosten, zoals zwangerschapsgym.

Uitkering tijdens zwangerschapsverlof geregeld?

Werk je voor een baas, dan ben je wettelijk verzekerd voor het doorbetaald krijgen van je loon tijdens je zwangerschapsverlof. Als je voor jezelf werkt, heb je ook recht op een zwangerschapsuitkering. Je krijgt maximaal het wettelijk minimumloon. Wil je liever een hogere zwangerschapsuitkering, dan kun je hiervoor een arbeidsongeschiktheids-verzekering afsluiten.

Pensioenopbouw geregeld bij minder werken?

Als je minder gaat werken na de komst van je kind, ga je ook minder verdienen. Dat heeft gevolgen voor je pensioen. Je kunt ervoor kiezen om dit gat van je pensioen op te vullen via een lijfrenteverzekering.

Gezinsuitbreiding doorgegeven aan verzekeraars?

Als je een kind krijgt, geef dit dan door aan je zorgverzekering, aansprakelijkheidsverzekering, gezins-rechtsbijstandverzekering, levensverzekering en uitvaartverzekering. Doe dit het liefst zo snel mogelijk. De verzekeraars passen je polis aan en in sommige gevallen ook je premie. Er zijn ook verzekeringen waarbij je kind tot zijn of haar achttiende levensjaar gratis is meeverzekerd.

Zekerheid geregeld voor je kind wanneer je komt te overlijden?

Je kunt een overlijdensrisicoverzekering afsluiten voor je nabestaanden. Deze verzekering keert een vooraf afgesproken bedrag uit wanneer de verzekerde voor een bepaalde datum overlijdt. Met dit geld kan de achtergebleven partner bijvoorbeeld de hypotheek betalen of stoppen met werken om de kinderen op te voeden. Speciaal voor je kind kun je ook een (tijdelijk) wezenpensioen regelen. Kom je te overlijden, dan ontvangt je kind tot zijn of haar 18e jaar een uitkering. Kinderen die studeren hebben zelfs recht op een uitkering tot hun 27ste jaar.

Wil je hier meer over weten en je opties en risico’s in kaart brengen? Neem gerust contact met ons op. Er wordt dan een afspraak ingepland, dat kan telefonisch maar zodra het weer mogelijk is ook persoonlijk. 

In 11 vragen inzicht in de digitale veiligheid van je bedrijf

Samen met vakinhoudelijke experts hebben MKB-Nederland en VNO-NCW een nieuw instrument ontwikkeld om het mkb weerbaarder maken tegen cyberaanvallen. Aan de hand van een online vragenlijst met elf vragen zie je direct welk risico jouw bedrijf loopt en welke concrete maatregelen nodig zijn. 

Dat digitale veiligheid belangrijk is, weten de meeste ondernemers wel. Maar ze denken er direct achteraan dat ze alles op orde hebben, het hen niet zal overkomen of dat hackers toch geen interesse hebben in hun data. Of ze hebben er de kennis niet voor om hun digitale veiligheid op orde te brengen. Maar uit onderzoek van SIDN in juni 2020 blijkt dat 22 procent van de mkb’ers in 2019 slachtoffer werd van cybercriminaliteit. Het werkelijke getal ligt mogelijk nog hoger, want uit schaamte doet niet iedereen aangifte. 

Om ondernemers bewust te maken van de cyberrisico’s die ze lopen, is de Risicoklassenindeling Digitale Veiligheid ontwikkeld, dat onlangs live is gegaan via Digital Trust Center (een onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat). Met deze tool kun je een inschatting maken van hoe groot het risico is op een cyberincident. Deze inschatting bepaalt in welke risicoklasse (1 t/m 4) je onderneming valt en welke maatregelen er genomen moeten worden om je digitale veiligheid op orde te hebben. 

Benieuwd in welke risicoklasse jouw onderneming ingedeeld wordt? Doorloop in enkele minuten deze gratis tool en ontvang meteen een handige inventarisatie van beveiligingsmaatregelen.